TaalKunst | Ovaal

Chris Lomans - 17 augustus 2020

9 museumobjecten, 9 schrijvers

De Nieuwe Oost | Wintertuin slaat de handen ineen met Museum Het Valkhof en maakt een blikverrijkende route door de collecties archeologie, oude kunst en moderne kunst. Geïnspireerd door bijzondere topobjecten uit de museumcollectie presenteren negen schrijvers geheel nieuw werk. Neem de collecties met open/gesloten ogen waar, droom weg bij schilderijen of beelden uit andere tijden en vaar mee op de prachtige schrijfsels. (Vormgeving video door Nóra Békés.)

 

 

Ovaal

In deze heuvels, onder de zandverstuivingen en de door wind kromgetrokken bomen, liggen we begraven. We zijn niet zelf zo gaan liggen. We zijn zo neergelegd. In de foetushouding. De vrouwen op hun linkerzij, naar het oosten gericht. De mannen op hun rechterzij, naar het westen gericht. Zoek en je vindt onze resten. Steeds maar een paar honderd meter van elkaar vandaan. Je graaft en ziet onze botten liggen en je weet gelijk in welke groep dit lijf was ingedeeld.

Graaf verder en je vindt een aardewerken pot. In scherven. Tussen de scherven glimt iets. Je veegt de aarde weg. Het is een gouden sieraad. Een perfect ovaal.

Het valt je op. Hoe dichtbij onze lijven liggen en tegelijkertijd hoe ver van elkaar verwijderd. Hoe onze blik op de verte is gericht en nooit op elkaar. Je ziet het nu. Dat onze lichamen op de uitkijk staan. Dat we niet begraven zijn, maar op deze heuvels zijn neergezet, met onze ruggen tegen elkaar aan. Je volgt onze zichtlijnen, naar het westen en naar het oosten, de heuvels over. Je volgt de zichtlijnen zo ver als je kunt, de aarde rond, tot boven de stormachtige, ijskoude zee waar de blik van onze ene helft, precies aan de andere kant van de wereld, eindelijk de blik van onze andere helft tegenkomt. En je ziet hoe de zichtlijnen weer verder gaan, hoe ze uiteindelijk, in precies dezelfde heuvels, hun eigen bron weer vinden. Al deze evenwijdige cirkels die elkaar nooit raken.

Tussen de scherven glimt iets. Je veegt de aarde weg. Het is een perfect ovaal. In twee stukken gebroken.

Laat je lijf de grond inzakken. Laat het indalen als in een baarmoeder. Het zakt meters weg in de koele, levende aarde en zoekt daar een houding. Woelt, draait rondjes tot het goed voelt. Het krult zich op. Gaat op de zij liggen. Brengt de knieën naar de borst. Sluit de ogen.

 

Een pot met een gouden sieraad

Renkum-Oostereng
2500-2000 voor Christus
aardewerk, goud
hoogte pot 12,2 cm

Gouden halsring of diadeem uit het Late Neolithicum gevonden in Ede-Bennekom als onderdeel van een grafinventaris (enkelgrafcultuur).

In 1891 werden de grindbanken afgegraven op het landgoed Oostereng tussen Bennekom en Renkum. Daarbij werd een pot van aardewerk gevonden en in de directe omgeving bovendien twee draadvormige stukken goud met versierde, platte uiteinden. De eigenaar van het landgoed, jonkheer Henry Quarles van Ufford, ontfermde zich erover en liet de in scherven uiteengevallen pot restaureren door een meubelmaker, die de gaten opvulde met gips en de hele buitenkant okergeel verfde. Vervolgens stelde hij de pot thuis tentoon, met de gouden voorwerpen kruiselings op de rand gelegd. Zo bleef de vondst decennia lang staan, totdat zijn weduwe Henriette ze in 1955 aan de Rijksuniversiteit Groningen schonk. Waarna ze in de collectie van de Gelderse Archaeologische Stichting werden opgenomen. Inmiddels zijn ze sinds 1999 als langdurige bruikleen opgenomen in de vaste opstelling van Museum Het Valkhof.

De pot is een fraai voorbeeld van een Veluwse klokbeker. Ze dateren uit het einde van de Nieuwe Steentijd, tussen ca. 2500 en 2000 voor Christus, en zijn aan de buitenkant zorgvuldig versierd met geometrische motieven en arceringen. De kwaliteit van de decoratie is uitzonderlijk binnen het prehistorische aardewerk uit Nederland, dat in de hierna volgende Bronstijd en IJzertijd over het algemeen van een grote eenvoud is.

Complete klokbekers zijn alleen aangetroffen in grafheuvels en ook de pot van het landgoed Oostereng moet uit een grafheuvel afkomstig zijn. In die tijd werden waarschijnlijk alleen belangrijke personen onder speciaal opgeworpen heuvels begraven. In het graf kregen ze een pot mee met voedsel en vaak ook wat werktuigen, zoals een stenen bijl of een vuurstenen mes. De gouden voorwerpen moeten ook met de pot in het graf zijn gelegd. Want hoewel de metaaltijden in Nederland nog moesten beginnen, beschikten sommige mensen al over kleine koperen dolken en een enkeling zelfs over gouden sieraden. De twee stukken van de Oostereng hebben samen een dunne gouden ring gevormd, met versierde, platte uiteinden. Het kan een halsring zijn geweest of een diadeem voor op het hoofd.

 

Klik door naar Museum Het Valkhof en kom het werk ook een keer in het echt bekijken of klik door naar de andere TaalKunstwerken.

 

Chris Lomans is schrijver, muzikant en programmamaker bij Perdu. Hen studeerde in 2017 af aan Creative Writing ArtEZ met de experimentele novelle Een mensvormig gat, waarin hen het poëtische en het prozaïsche probeert te laten versmelten, een ontwikkeling die samenvalt met de manier waarop een fictieve stad wordt heroverd door de natuur. Chris werd geselecteerd voor het Slow Writing Lab, waar hen onderzoek deed naar vloeibaarheid binnen het lichamelijke en het spirituele. Hen houdt van teksten die zich niet laten vangen in een genre. Chris is begeleider van Literaturjugend in Nijmegen, en droeg voor op onder meer Brainwash Festival, Wintertuinfestival, Nieuwe Types, en bij Perdu en Frontaal, waarbij hen zichzelf vaak begeleidt met bezwerende live soundscapes. In november 2020 verschijnt hun chapbook bij Wintertuin Uitgeverij. Chris zit in een talentontwikkeltraject van De Nieuwe Oost | Wintertuin.