De laatste dingen #2

Handan Tufan - 04 december 2020

Wat zou jij meenemen als je geen idee had wat je te wachten stond?

Zoals iedereen weet heeft een vluchteling die uit zijn/haar land moet vluchten niet altijd een koffer bij zich. De vluchteling die een rugzak heeft, heeft geluk. Vluchtelingen weten niet wat hen op de reis te wachten staat. Ik ging op zoek naar het belangrijkste item dat ze hebben meegenomen. Dat is bijvoorbeeld een foto, een dagboek, een stukje bodem. Als wij in Nederland naar die dingen kijken, denken we dat het heel gewone dingen zijn. Voor de vluchteling zijn ze echter heel belangrijk.

 

Verhaal van een potlood

Ahmad Al Mousa is een Syrische jongen. Het enige dat hij nog heeft uit Syrië is zijn potlood. Volgens hem betekent zijn potlood succes. In Syrië studeerde hij voor landmeter.
‘Als landmeter heb ik veel getekend. Ik heb dit potlood gebruikt om gebouwen te tekenen. Als ik met dit potlood tekende, voelde ik dat ik netjes had getekend. Ik kreeg ook altijd een hoog cijfer voor tekenen. Daarom heb ik dit potlood meegebracht naar Nederland, om succes te krijgen.’

 

 

Een foto geeft hoop

Het belangrijkste bezit van een Koerdische vrouw is een foto van haar vader. Haar vader was docent en stierf in 2003 aan een hartaanval. De foto van haar vader herinnert haar aan haar land. Haar vader vertelde haar altijd dat zij de hoop nooit mocht verliezen. Deze woorden van haar vader zijn een gids voor haar. Zij bouwt een nieuw leven op in Nederland. Als ze wanhopig is, kijkt ze naar de foto van haar vader en voelt ze de hoop.

 

 

Omdat ik mijn hele land alleen draag

Voor de Koerdische Mehmet Sezgin zijn een paar stenen het belangrijkste dat hij meenam. Deze stenen zijn zo belangrijk voor hem, omdat hij daarmee zijn land met zich meedraagt.
‘Wij zijn de grootste staatloze natie ter wereld. Onze nationale leider zit al 21 jaar in de gevangenis, zoals Nelson Mandela 28 jaar op o.a. Robbeneiland zat. De geschiedenis van Mandela doet me denken aan onze tragedie, aan meedogenloze regimes als van Turkije, Syrië, Irak en Iran. Op een dag zal alles veranderen, daar ben ik vrij zeker van.’

 

 

Voor mij betekenen deze bloemen mijn vrije vaderland

Een andere Koerdische vluchteling – Dersim – nam bloemen mee. De bloemen betekenen voor hem een onafhankelijk land. ‘Ik ben vandaag vluchteling geworden vanwege mijn strijd voor een vrij Koerdistan. Voor mij betekenen deze bloemen mijn vrije vaderland. “Vaderland” is een heel belangrijk concept voor Koerden. Op een dag zal ons land vrij zijn en we zullen dol zijn op de bloemen in de bomen. We zullen dagen hebben waarop we ze niet zullen plukken.’

 

Lees ook De laatste dingen #1.

Schrijver en fotograaf Handan Tufan is aangesloten bij Stichting voor Vluchteling-Studenten UAF en schrijft voor RFG Magazine. Het UAF is een stichting die zich inzet voor de ontwikkeling van gevluchte studenten en professionals, en voor hun integratie op de Nederlandse arbeidsmarkt. Dat doen ze al sinds 1948. Het UAF is ervan overtuigd dat íedereen die zijn kennis kan benutten, betekenisvol is in Nederland. Dáár maken ze zich sterk voor. Met haar kennis en ervaring adviseert en verbindt het UAF vluchtelingen, onderwijsinstellingen, (lokale) overheden en werkgevers.

RFG Magazine is een online tijdschrift en tevens stageplek, gemaakt door journalisten met een vluchtelingenachtergrond. Uitgangspunt van RFG Magazine is de stemmen van de gevluchte journalisten te laten horen: in de mainstream media zijn ontelbare verhalen over vluchtelingen te lezen, maar nauwelijks verhalen die door vluchtelingen geschreven zijn. RFG Magazine kan voor de auteurs dienen als een springplank naar het publiceren in de reguliere media. Hiermee willen zij bijdragen aan een pluriforme tekst in de media. Lees de artikelen die Handan Tufan bij RFG publiceerde en het interview dat op 26 november met haar verscheen.

Handan Tufan Handan Tufan studeerde aan de Dokuz Eylül University in Izmir, Turkije. Na haar studie begon ze als verslaggever bij de Dicle News Agency, om later over te stappen naar de Jin News Agency. Voor haar werk ontving ze de Gurbetelli Ersoz Women's Journalism Prize en Musa Anter and Martyrs for the Free Press Journalism Award.