diepdiepblauw

Nikki Dekker  - 12 mei 2022

Op 17 mei 2022 verscheen de debuutroman van Nikki Dekker, die eerder deelnam aan een ontwikkeltraject bij Wintertuin

Zonder zwemdiploma slinken je overlevingskansen, weet de verteller in diepdiepblauw. Ze weet hoe je het hoofd boven water houdt in een onrustige zee en dat je bij hoge golven het beste naar de bodem duikt om het gebulder over je heen te laten komen. Maar in het echte leven heb je aan zulke lessen niet veel.
Nikki Dekker onderzoekt in in haar debuutroman wat we van de dieren onder water kunnen leren over liefde en identiteit. Ze zet alikruiken tegenover onenightstands, de blobvis naast het schoonheidsideaal en duikt in de wereld van geheimzinnige platvissen, homoseksuele zeehonden en zelfbewuste poetslipvissen. Dit fragment is een voorpublicatie uit de roman.

 

diepiepblauw | kwal

Ik heb mijn tongriempje geblesseerd. Het tongriempje is de dunne lijn die de onderkant van je tong met de onderkant van je kaak verbindt. Als je voor de spiegel staat, je tong uitsteekt en naar je gehemelte brengt terwijl je je mond wijd openhoudt, kun je het zien zitten. Ik denk niet dat het gescheurd is, maar misschien wel gekneusd, of verrekt. Misschien steek ik mijn tong te ver uit? Misschien zet ik er te veel druk op?
Van tevoren dacht ik dat seks met een vrouw heel anders zou zijn. Ik kocht een handboek, Girl Sex 101, om me voor te bereiden op de verschillende houdingen, technieken en conventies. Wat blijkt: het komt allemaal redelijk op hetzelfde neer. Het zijn lichamen die tegen elkaar aan schuren. Handen en monden. Bij sommige moet je om het sperma heen werken, bij andere gaat het om een tampontouwtje, maar veel meer dan dat is het niet. Echt niet.

&

Kwallen, anemonen en koralen zijn stuk voor stuk dieren, als neteldieren allemaal aan elkaar verwant. De anemoon begint z’n leven als een klein, rondzwevend balletje, tot ze zich met hun voet aan een rots vastzuigen en met hun tentakels voedsel uit het water flteren of vissen. De kwal begint als poliep die aan een rots vastzit, maar gebruikt die ondergrond om zich tegen af te zetten: na een bepaalde tijd laat hij los, of schiet kleine schijfjes het water in, minikwallen die steeds groter groeien tot ze als een stofzuigerrobot door de oceaan zweven. Nu zijn het medusen: kwallen.
Turritopsis dohrnii, beter bekend als de onsterfelijke kwal, is de enige kwal (en, voor zover we weten, het enige levende wezen) dat zich achteruit kan ontwikkelen, terug de tijd in, tot aan het begin van z’n leven. Als er gevaar dreigt, of de kwal stress ervaart, transformeert hij terug tot een poliep. Dat is onvoorstelbaar: alsof een vlinder terug in de cocon schiet, en er als rups weer uit kruipt.

&

Terwijl ik m’n research doe, terwijl ik op dates ga, terwijl ik het gevoel heb dat ik eindelijk begin te leven, stel ik mezelf steeds opnieuw dezelfde vervelende vraag (vanuit een hoek achter in m’n gedachten, zoals die plek halverwege je rug waar het zo hevig jeukt dat je nergens anders aan kunt denken, maar je kunt er niet bij, niet met je nagels en niet met je haarborstel en als je uiteindelijk de kaarsenstok pakt schram je je lelijk op een plekje net naast de jeuk): waarom moet jij zo nodig met al die mensen naar bed? Ben je iets tekortgekomen in je leven? Is er iets mis met jou? De vraag zoemt om me heen.
Je kunt de waaromvraag wel wegtrappen, maar als een dode kwal spoelt ie steeds opnieuw weer aan, en als je zo stom bent hem met je blote hand aan te raken, kom je erachter dat ie nog altijd steekt.
Er zijn woorden waar ik een hekel aan heb. ‘Polyamorie’ is er een van. Het klinkt lelijk, formeel, als een wetenschappelijke theorie, niet als iets wat doodnormale mensen zouden kunnen doen. ‘Open relatie’ is al mooier, maar dat staat dan weer voor obscure escapades, orgies en seksclubs. Het is niet gemakkelijk om een woord te vinden waar geen buitensporig seksuele associaties aan vastkleven. ‘Biseksueel’ klinkt alsof je seks wil met twee soorten mensen, die uitersten van het spectrum vertegenwoordigen: mannen aan de ene kant, vrouwen aan de andere. Alsof non-binaire mensen niet bestaan. Terwijl het feitelijk correct is: een homoseksueel valt op mensen van hetzelfde gender, een heteroseksueel valt op mensen van een ander gender, en een biseksueel valt zowel op mensen van hetzelfde, als van het andere gender.
Ergens hoop ik dat deze alinea het misverstand voor eens en altijd rechtzet, maar ik weet ook wel dat de strijd al verloren is. Een woord betekent wat de meeste mensen denken dat het betekent, Humpty Dumpty.

&

Het is druk in de wachtkamer van de studentenhuisarts. Ik wacht op een klapstoeltje naast de waterkoeler, zo’n grote doorzichtige ton gevuld met ijskoud water. 10 oefeningen om je body bikiniproof te krijgen. Ik blader door een Viva. Ik ben nerveus, ik kan me niet concentreren op de letters voor me.
‘Mevrouw?’
Omdat het een studentenpraktijk is, werken er twintig verschillende artsen. Deze man heb ik niet eerder gezien. Ik ga zitten op de stoel die hij aanwijst.
‘Waar kan ik je vandaag mee helpen?’
Ik haal adem. ‘Ik, eh, wil graag een soa-test.’
‘Aha.’ Hij knikt. ‘En wat is de aanleiding daarvoor?’
‘Ik heb onveilige seks gehad.’
‘Dat is erg onverstandig. Je weet wel dat dat niet verstandig is, toch?’
Ik knik.
‘Ja. Ja, normaal doe ik dat ook niet.’
‘Weet je zeker dat je niet zwanger bent?’
Ik knik. ‘Het was met een meisje.’
‘O,’ lacht hij, ‘dan hoef je je geen zorgen te maken. Lesbiennes hebben geen soa’s.’

&

Je wordt niet gebeten door een kwal, maar gestoken. De tentakels van de kwal zijn bedekt met microscopisch kleine naaldjes die, zodra ze in contact komen met het lichaam van een ander dier, direct steken en onderhuids vergif spuiten. Vaak blijft een deel van die netelcellen in de huid zitten en dagenlang irriteren, jeuken en prikken, maar de meeste kwallen zijn, voor de mens tenminste, niet dodelijk.

&

‘Als ik “biseksueel” hoor,’ zegt hoofdpersoon Leila in de korte tv-serie The Bisexual, ‘denk ik: domme slet. Het is smakeloos, opzichtig, lomp. Je bent een huichelaar. Alsof je geslachtsdelen geen enkele loyaliteit kennen. Je hebt geen criteria voor bedpartners, alleen een opendeurbeleid.’
Omdat de kans strikt genomen heel klein is dat vrouwen onderling soa’s aan elkaar doorgeven, is een klein deel van de lesbiennes biseksuele vrouwen gaan zien als ondermijnende spionnen, mensen die smerige ziektes ophalen bij heteroseksuele mannen en die binnen de puur lesbische gemeenschap verspreiden. Een vergelijkbare aanname bestaat voor biseksuele mannen: dat zijn dan degenen die hiv op onschuldige heterovrouwen overbrengen.

&

Er lijken steeds meer kwallen in de oceaan voor te komen; het is een van de weinige diersoorten die de hogere temperatuur en zuurgraad goed verdragen, en ze hebben bijna geen natuurlijke vijanden. We weten heel weinig over kwallen, maar we weten wel dat ze een probleem zijn: ze zweven in onvoorstelbaar grote scholen door de oceaan, steken alle vissen die ze tegenkomen dood, laten vissersboten kapseizen en blokkeren koelsystemen van energiecentrales, waardoor hele steden dagenlang zonder elektriciteit kunnen komen te zitten. Wetenschappers werken aan hormoonkuren om te voorkomen dat kwallen zich verder voortplanten, ze bouwen machines die het taaie kwallenbos in piepkleine stukjes versnipperen, en ze laten kilo’s dode kwal afzakken naar de bodem van een Noors fjord in de hoop een dier te ontdekken dat onze overtollige kwallen op wil eten.

&

Ik ben zes, zeven en ik speel met de Spirograaf, een plastic speelgoedset van radertjes en houders met kleine gaatjes erin. In die gaatjes zet je een pen, het liefst een met gekleurde inkt, en dan draai je hem heen en weer om ingewikkelde geometrische patronen te tekenen. Ik kijk naar kwallen zoals ik naar dat speelgoed kijk: de magisch symmetrische vormen die steeds opnieuw veranderen, in elkaar opgaan en elkaar in unieke constellaties overschrijven. Het is een verrukkelijk beeld, en tegelijkertijd weet ik niet echt wat ik ermee aan moet. Hoe de blauwe tentakels zich in een cirkel uitstrekken en intrekken. Hoe de witte bollen door elkaar heen stuiteren, traag, alsof de tijd zich uitrekt.

&

Waarom kan ik niet ‘gewoon’ homo- of heteroseksueel zijn? Niet ‘gewoon’ monogaam? Niet ‘gewoon’ gewoon.
‘Waarom?’ is een zinloze vraag, zeggen coaches en psychologen. Er bestaat geen antwoord op. Misschien is mijn vraag dan: hoe worden we zo? Voegen we ons naar een beeld dat al bestaat, laten we ons kneden, of groeien we als vanzelf in de vorm die we altijd al hadden moeten hebben?
Wat is ervoor nodig om te worden wie je bent?
De meeste kennis die we hebben verzameld over de dieren die in zee leven, is nuttige kennis. Kennis die we kunnen inzetten om processen soepeler te laten verlopen, om de stabiliteit van onze omgeving te garanderen, om onszelf in leven te houden. Ik geloof dat de waaromvraag een ander soort kennis zoekt, de bevestiging van een zelf. Dat je niet alleen bent. Dat je jezelf ergens in kunt herkennen. Een spiegel, een wateroppervlak.

 

 

 

 

Diepdiepblauw is de debuutroman van schrijver en radiomaker Nikki Dekker, die eerder deelnam aan een ontwikkeltraject bij Wintertuin. De roman verschijnt op dinsdag 17 mei 2022 en is onder andere verkrijgbaar via De Bezige Bij en (online) bij je lokale boekhandel.

Nikki Dekker is schrijver en radiomaker. Ze publiceerde in Tirade, De Gids, Versal Magazine, Revisor, Deus Ex Machina en op De Optimist. Ze trad op tijdens onder andere Lowlands en Dichters in de Prinsentuin. In 2016 werd ze geselecteerd voor de Parijsresidentie van Vlaams-Nederlands Huis deBuren. Haar radiodocumentaire De oppas en ik werd genomineerd voor de Prix Europa en haar podcastreeks Iets doen, hoe doe je dat? kreeg een vier sterrenrecensie in NRC Handelsblad en De Morgen. In november 2018 verscheen bij Wintertuin Uitgeverij haar chapbook Een voorwerp dat nog leeft, een bundeling essays en gedichten over de systemen waarin wij allen vastzitten en hoe je daaruit kunt breken. In maart 2019 verscheen Nikki's radiodocumentaire Andreas Burnier, of hoe je op een klein vlot blijft drijven. Nikki is geselecteerd voor de tweede editie van CELA. (Foto door Gaby Jongenelen Fotografie.)