NUMMER ÉÉN-HIT MET DE STONEDE ZIEL VAN WILLIAM ERNEST DRUMMOND, MAGIËR, DIE IN DE WINTER VAN 2049 | 2050 DE LAATSTE BESCHAVINGSRESTANTEN WEGZAKKEN ZAG IN DE RIVIER DE MERSEY NABIJ STOCKPORT

Marc van der Holst - 05 januari 2020
H.H. Ter Balkt

Parafrases van het werk van H.H. Ter Balkt

Vijftig jaar geleden debuteerde H.H. ter Balkt met zijn bundel Boerengedichten. Ter ere van de grootmeester zal er elke maand een gedicht van Ter Balkt geparafraseerd worden op Notulen van het Onzichtbare. De derde bewerking is van Marc van der Holst. Hij vormde ‘Bouw van de chipsfabriek’ om tot ‘Dematerialisatie van de chipfabriek’. Lees ook de andere Odes aan de betekenis.

 

NUMMER ÉÉN-HIT MET DE STONEDE ZIEL VAN WILLIAM
ERNEST DRUMMOND, MAGIËR, DIE IN DE WINTER
VAN 2049 | 2050 DE LAATSTE BESCHAVINGSRESTANTEN
WEGZAKKEN ZAG IN DE RIVIER DE MERSEY NABIJ STOCKPORT | Marc van der Holst

Eerst dreunden de bassen, nu dreunt alles alleen
nog na. Fake plastic trees buigen in de vuurwind. Coke
dwarrelt als het as van verbrand geld, kleeft off-white
aan de subwoofers, dekt de doppers, smileys

op papertrips, Sick Boy in zijn black hoodie,
gebruikte naalden, sleutelpuntjes, shotjes, patsers
bij de poortjes; de stroboscopen, de superstar dj’s,
tumblers en sporken; de rush blijft uit en stort zich

op de oude bank. En de wiet weeft mijn afscheid
– hallucinatie, spookgeluid – mee van hun terugslag, zo
hard crashend van wat mij op de benen houdt:

een miljoenmaal mijn naam, William Ernest D.,
magiër, op de polsbandjes; van GHB ’t oud recept dat ooit
leuk leek. Madchester wacht, met brandende baggy jeans

 

BLUES VAN DE DOLENDE ZIEL VAN
ULPIUS HERACLES, OOGARTS, DIE IN DE WINTER
VAN 401 | 402 DE LAATSTE ROMEINSE COHORTEN
WEGTREKKEN ZAG LANGS DE RIVIER DE WAAL | H.H. Ter Balkt

Eerst dreunden hoeven, nu dreunen van de laatsten
de voeten. Rietveld buigt in de wind. Sneeuwvlok
dwarrelt als de dunste Romeinse as, kleeft wit aan
de echo, dekt het terra sigillata, keizerkoppen

op muntstukken, aap in zijn glazen capuchon,
bronzen naalden, epileertangen, kranen, wachttorens
aan de rand van het rijk; de lampen, de godenbeelden,
bekers en lepels; kracht blijft achter en stort zich

op het grauwe zand. En het riet weeft mijn afscheid
– ongezien, ongehoord – mee van hun schreden, zich zo
tomeloos weghaastend van wat mij ketent aan deze

verweesde aarde: viermaal mijn naam, Marcus Ulpius H.,
oogarts, op de stempelsteen; van oogzalven ’t oud
recept dat ooit heelde. Rome wacht, met haar vlammen

 

Marc van der Holst schrijft, dicht, tekent en maakt muziek. Zijn debuutbundel Pyjamadagen verscheen eind 2014 bij Uitgeverij Van Gennep en werd genomineerd voor de Jo Peters Poëzieprijs 2016. In 2016 bracht hij met zijn band The Avonden de cd Nachtschade uit en in 2018 verscheen Wat een cirkel is. Samen met Gerjon Gijsbers en Koen Frijns speelde hij in de voorstelling Fata Nirvana, een punkdocumentaire op het podium. In april 2018 verscheen bij uitgeverij Atlas Contact een tweede verzameling met kort proza in verhaal- en dichtvorm onder de titel Dembrandt. Hij schreef voor onder andere de achterpagina vande Volkskrant, en wekelijks kun je zijn werk lezen via de nieuwsbrief Vooral op dinsdagen.